
Nico Bosman en Ida Marsman
10 Maart-2 april 2020
Toen we (Nico en ik) dinsdag 10 maart in de middag op Schiphol aankwamen was het daar al bijzonder rustig. Hier en daar liepen wat reizigers die er met hun mondkapjes toch wel wat wonderlijk uitzagen.
De vliegreis naar Ponta Delgado op Sao Miguel (grootste eiland Azoren (archipel midden in de Atlantische Oceaan, behorend tot Portugal) waar we alvorens uit te varen een week zouden verblijven, verliep verder voorspoedig. Renske, onze dochter, zou zaterdagnacht arriveren en samen met ons de dinsdag erop aan boord gaan van de driemastschoener De Eendracht (zie verder eendracht.nl) om in 2 weken vandaar naar Brest te zeilen.
Ons huisje op Sao Miguel lag sprookjesachtig op een heuvel met aan twee kanten uitzicht op zee. Prachtig eiland! Al heel groen en al volop bloemen. Zeker de moeite waard!
Maar lang mochten we er niet van genieten. De tweede ochtend belde Yvonne van het kantoor van de Eendracht in Rotterdam…
De Eendracht was kort daarvoor na de oversteek over de Oceaan vanaf St Maarten aangemeerd in de haven van Horta, Faial (Azoren eiland op een paar 100 km van Sao Miguel). Net die nacht had Portugal in verband met Corona besloten alle havens, dus ook die van de Azoren, te sluiten voor inkomende boten. We konden dus niet meer in Sao Miguel aan boord. De Eendracht mocht nog wel vanaf Faial vertrekken.
De luchthavens waren –hoe inconsequent (sic)- wel nog open. We namen het eerstvolgende vliegtuig naar Horta, eiland Faial, om vandaar nog mee te kunnen varen. Gelukkig was er op de Eendracht al een hut beschikbaar waarin we konden overnachten.
Het werd wel steeds spannender of het Renske nog zou lukken om op Faial te komen voordat ook de vliegvelden en/of grenzen gesloten zouden worden. Net als een groot aantal overige deelnemers, kon ze in verband met werk niet eerder vertrekken dan zaterdagmiddag.
Renske moest bovendien eerst op Sao Miguel overnachten, want pas de andere ochtend vroeg ging er een vliegtuig naar Faial.
Midden in de nacht, Renske was net aangekomen op de luchthaven van Ponta Delgada, Sao Miguel, ging in onze hut de telefoon..
Renske was door de autoriteiten op de luchthaven van P.D. meegedeeld dat ze in plaats van één overnachting de komende 14 dagen in quarantaine moest blijven in haar hotel in P.D…..
Ons advies was maar een keertje ‘burgerlijk ongehoorzaam’ te zijn en de andere ochtend toch te proberen alsnog haar vlucht naar Faial te nemen.
Tot onze grote opluchting stond ze inderdaad de andere ochtend op het vliegveld van Horta, Faial! Later zou ze van de de Azoriaanse autoriteiten een mailtje krijgen dat ze werd gezocht…
Renske bleek echt een van de weinige geluksvogels! Vrijwel alle deelnemers strandden al in Lissabon of mochten vanaf P.D. niet meer door naar Faial.
Diezelfde ochtend hadden we de 24 studenten en 3 docenten van de Hogere Zeevaartschool te Kazachstan uitgezwaaid voor hun vertrek naar de luchthaven op weg terug naar huis. Onder leiding van de kernbemanning van de Eendracht hadden ze in het kader van hun opleiding het zeilschip vanaf St Maarten naar Faial gevaren. Twee uur later waren ze terug aan boord. De grenzen waren inmiddels gesloten en de terugweg naar Kazachstan geblokkeerd.
Het kwam in verband met het aantal slaapplaatsen goed uit dat het zo weinig nieuwe deelnemers gelukt was op de Azoren aan boord te komen voor de zeiltocht naar Brest (Fr.). Zo kon worden besloten om de Kazachen de reis, die nu ipv naar Brest naar de thuishaven Rotterdam ging, mee te laten varen.
Het gaf de reis, met totaal 49 personen aan boord, een extra sfeer 24 17-21 jarige studenten aan boord te hebben, waarvan de meesten voorafgaand aan hun wereldreis nog nooit de zee gezien hadden (sic!) en sommigen zelfs voor het eerst van huis waren.
Het bleken stuk voor stuk erg aardige jongens en meisjes. Wel ging het fruit en snoep op rantsoen, want anders verdween het wel erg eenzijdig in 24 magen. De onderlinge voertaal van hun immense vaderland (groter dan Europa!) was naast vele regiotalen Russisch, maar ze spraken daarnaast vrij behoorlijk Engels. Engels is overigens internationaal de voertaal op zee.

De zeiltocht was – volledig Coronavrij- in één woord geweldig!
Naast veel plezier in een zeer ontspannen en gezellige sfeer, maakten we ook volgens de kernbemanning, waarvan een aantal al 30 jaar regelmatig zeilreizen met de Eendracht hadden gemaakt, een van de meest gedenkwaardige zeiltochten van De Eendracht…
En dat niet alleen door de Corona! Zo hadden we vanaf het begin NO – dus tegenwind- en vergde het heel wat zeezeilmanskunst om toch op de zeilen te varen. In tegenstelling tot bijkvoorbeeld ‘voor de wind’ zeilen (meewind) is ‘in de wind’ zeilen onmogelijk en met tegenwind is regelmatig laveren de enige mogelijkheid om je bestemming te bereiken. De Eendracht had daarnaast alleen een kleine hulpmotor om het zeilen in geval van weinig of juist tegenwind te ondersteunen. Bovendien we gingen niet voor niets zeilen..? Dus als het even kon gingen we vol in de zeilen.
Ook wij passagierende deelnemers moesten in 24 uurs shifts aan boord volledig meedraaien. Dat hield in per 24 uur twee wachten van 4 uur. Onder gezag van de schipper, de drie stuurmannen en de twee bootsmannen (waarvan één vrouw), deden we alle voorkomende werkzaamheden. Te weten: zeilen helpen hijsen en reven met alles wat daarbij komt kijken, koers houden of (op verzoek schipper of stuurman)van koers veranderen als roerganger, maar ook ‘zeunen’ (tafel dekken, serveren en afwassen), de meshroom, de toiletten en douches schoonmaken en dek schrobben. Alleen de maaltijden bereiden was het alleenrecht van de kok en assistent-kok. Ondanks regelmatig zeer beweeglijke omstandigheden waren die zonder uitzondering voortreffelijk!



De Oceaan heeft volgens mij al haar verschillende gezichten laten zien.
De meeste tijd stond er een stevige wind (kracht 6 Bf of meer), maar die kwam wel uit de verkeerde hoek (NO),dus tegenwind. Bovendien zwol die wind meerdere malen aan tot kracht 9 of 10 Bf. En zelfs een keer, tegen de weersvoorspellingen in en zeer onverwacht, tot ruim windkracht 12 Bf (68,5 knopen), dus orkaankracht!
Hoewel in verband met de voorspelde kracht 10 de noodzakelijke zeilen al neergehaald waren en alleen het fok en de bezaan (zij het gereefd) nog stonden, werd ook de toch zeer ervaren kernbemanning door deze orkaan overvallen.
Een ware belevenis, midden op de oceaan (diepte ca 3000 m) op een zeilschip letterlijk overgeleverd te zijn aan de elementen (zie filmpjes)….
Eén verkeerde stap en je werd als een projectiel door de meshroom geschoten of aan dek erger…
Zelfs toen zijn Nico en ik geen moment zeeziek geweest (zonder hulp van een pilletje).
En zonder stoer te willen doen: we zijn geen moment bang geweest. We hadden, zelfs als leek, al gauw gezien dat de kernbemanning zeer ervaren en deskundig was en het schip goed en degelijk gebouwd.


Inmiddels raakte de brandstof van de hulpmotor op ten gevolge van de aanhoudende Noordoosten wind, waardoor deze vaak moest worden ingeschakeld. Zeker voor onze reis door Het Kanaal hadden we de hulpmotor nog nodig! Ondanks de toezegging wachtten we in de haven van Le Havre anderhalve dag vergeefs, en zonder van boord te mogen ivm Corona, op brandstof. In Boulogne sur Mer (NW Frankrijk) kregen, na weer een dag varen, gelukkig wel toestemming om te bunkeren. Ook hier mochten wij niet van boord. Terwijl wij inmiddels toch het gezondste gezelschap ter wereld waren, na ruim 2 weken in ‘quarantaine’ op zee nog steeds Coronavrij. We golden voor de Fransen als groot een besmettingsgevaar… Volgens mij was het net andersom.
Onverwacht kwam, net aangekomen in de haven van Boulogne sur Mer, het bericht van de Kazachstaanse ambassade in Den Haag dat ze de Kazachen de volgende ochtend 9.00 u in Boulogne kwamen oppikken zodat ze zeker de speciaal door Kazachstan geregelde en laatste vlucht vanaf Schiphol naar Kazachstan zouden halen.
Diplomatieke relaties openen zelfs gesloten (Frankrijk, België) grenzen én het luchtruim naar Kazachstan weer..
Ditmaal vertrokken de Kazachen na een uitgebreid administratief ceremonieel definitief in 7 zwarte minibusjes met CD kenteken onder escorte van de Franse gendarmerie definitief uit ons zicht.
Een aantal van ons achterblijvers was toch een tikje jaloers.. Wie krijgt er van zijn leven nou zo’n VIP behandeling?
De laatste 3 zeildagen was het wel erg stil aan boord…
Na 2,5 week op grote afstand van het hele Coronagebeuren varen bereikten we op donderdag 2 april gezond en wel de thuishaven van de Eendracht, Rotterdam. Yvonne, secretariaat, Nanda, directeur, bestuur en enkele vrijwilligers, heetten ons welkom met inachtneming van 1,5 meter afstand. In een ongekend stille haven en een ongekend stil Rotterdam. Welkom in Coronaland…

Nawoord: Op de vraag van de kernbemanning of we nog wel eens mee zouden willen varen zeiden we allebei zonder aarzelen volmondig ja!
Het enige wat ik in tegenstelling tot onze expeditie met de Plancius van Vlissingen naar Spitsbergen, voorjaar 2019, heb gemist, zijn de tijdens die reis zeer diverse en overvloedig zich vertonende zeezoogdieren.
Het enig dier, op een enkele meeuw en verdwaalde trekvogel na, dat we dit voorjaar op de oceaan hebben gezien was een grote tonijn die om onbekende reden uit de golven omhoog sprong. En dat terwijl het Azorengebied bekend staat om zijn dolfijnen en walvissen!
Volgende keer hoop ik dat dat gemis wordt goed gemaakt.
Nico Bosman en Ida Marsman