Ondanks zomerstorm Poly vertrokken we met 17 deelnemers naar Bezoekerscentrum Grebbelinie en Fort aan de Buursteeg. In het museum kregen we een interessante uitleg van gids Rob Bouter. Hij vertelde vol verve over het ontstaan van het fort in de Franse tijd en hoe het fort eeuwenlang een belangrijke functie had, zoals later in de Grebbelinie en over de rol in WOII.
Het Fort aan de Buursteeg is één van de grootste en belangrijkste verdedigingswerken van de Grebbelinie. Het werd in 1786 aangelegd op de plaats waar de Buursteeg en de Slaperdijk elkaar kruisten. Vanwege de omvang van het fort konden er enige honderden militairen bivakkeren binnen de vestingwallen.

In de expositie worden de verhalen verteld in 8 militaire periodes in de geschiedenis van Nederlands. Nadat we naar het interessante verhaal van Rob hebben geluisterd en de film bekeken hebben, konden we de vitrines en wandpresentaties bekijken.
Door een loopgraaf kwamen we in een ruimte met een landschapstafel waar de geschiedenis in beeld en geluid nogmaals werd verteld. Dat was heel leuk om te zien en te horen.

Vervolgens hebben we gezellig koffie en thee gedronken.

Gids Marc Arends nam het buitenprogramma voor zijn rekening. We hebben een wandeling gemaakt over het zuidelijk deel van het fort langs een gereconstrueerde loopgraaf, een intacte Nederlandse kazemat, een Duitse bunker en diverse andere bezienswaardigheden.

Marc vertelde op een enthousiaste wijze over de geschiedenis en wees ons op de contouren van het fort. Dit was moeilijk te zien omdat het erg begroeid is.

Het Nederlandse leger had in 1940 vrijwel geen tanks, maar moest zich wel voorbereiden op ‘vechtwagens’ van de tegenstander. Daarvoor werd modern pantserafweergeschut besteld; deze 386 stukken kregen een plek op strategische plaatsen in linies en forten. In het fort aan de Buursteeg zijn op twee plaatsen de betonnen wanden van onderkomens teruggevonden, waar dergelijk geschut heeft gestaan.


We liepen naar een beschadigde bunker uit de Duitse periode van de linie, waarvan Marc vertelde dat die toen deel uitmaakte van de Pantherstellung. Deze linie verbond de Westwall met het IJsselmeer, waarmee de westzijde van het Duitse rijk veel beter te verdedigen leek bij een aanval uit het westen. Onder leiding van de Organisation Todt werden meer dan 20 bunkers gebouwd tussen Wageningen en Nijkerk. In het centrale deel van de Gelderse Vallei werd de oude Grebbelinie gebruikt. De bunkers waren opvallende rechthoekige gebouwen die van afstand zichtbaar waren. Omdat ze te groot waren om te camoufleren werden ze gemaskeerd, vermomd als het ware. De indruk werd gewekt dat er een Veluws huisje stond, compleet met raampjes en gordijnen. Met hulp van de Stichting Grebbelinie is deze tekening uit 1945 weer zichtbaar gemaakt. Twee zijden van de bunker hebben hun naoorlogse betonkleur behouden, met hier en daar nog roodbruine verfresten resten van de maskering. Op enkele Nederlandse kazematten is nog camouflageverf te zien uit 1940, waarmee de betonnen gebouwtjes iets meer op gingen in hun omgeving.

Na het buitenprogramma werd in het museum de wisselexpositie rondom de mobilisatie in 1939-1940 en de inundaties en strijd in de Gemeente Veenendaal bekeken.

Het was de moeite waard om meer te weten te komen over een belangrijk deel van de Nederlandse geschiedenis in onze woonomgeving. Het was een zeer geslaagde en interessante excursie ondanks een buitje hier en daar.
___________________________
Vorige activiteit
22 juni 2023 Excursie naar het Kersenmuseum
___________________________